|
Lees een schaap van Annie
Bah, zei het schaap Veronica, het regent pijpestelen! Ja, zegt u dat warempel wel, zeiden de dames Groen, ’t is weer, om met z’n allen straks een erfenis te delen. Die is er niet. Maar zullen we een spelletje gaan doen?
Hèèè, zei het schaap Veronica, hè, gaan we zakdoekleggen? Nee, liever blindemannetje, zo sprak de dominee, Dat Heft mij altijd Op, om ’t maar eens heel gewoon te zeggen, wanneer ik blindemannetje speel, vergeet ik al het Wee!
Kom, zei het schaap Veronica, ik blinddoek u wel even. Ziet u nou eerlijk niets meer? Hoeveel voetjes heb ik hier? Eh, twintig, zei de dominee, nee negentien, nee zeven! Gunst, zeiden toen de dames Groen, en ’t beest heeft er maar vier.
Daar liep de arme dominee te hijgen en te blazen. Ik weet niet waar ik ben, riep hij. Is dit het fietsenhok? Daar heb ik iets! Mejuffrouw, eind’lijk heb ik u te grazen! Nee, zeiden toen de dames Groen, dat is de staande klok...
Ach werk’lijk? zei de dominee, wat kan men zich vergissen. Wat is dit voor een wollen ding, is dit een vatenkwast? Ja heus, het is een vatenkwast, dat kan bepaald niet missen! Au, zei het schaap Veronica, u hebt mijn staartje vast.
Hoera! Hoera! U bent hem! juichte blij de dominee. Ja, zeiden toen de dames Groen, maar eerst... een kopje thee.Annie M.G. Schmidt

|